Nieuwsarchief
Verslag Oud-Ledenlunch op 6 februari 2026 in Bierhandel De Pijp
Door Quirijn Korthals Altes (1976), chroniqueur
Op vrijdag 6 februari 2026 stapt uw chroniqueur (1976) volgens zijn parkeerapp stipt om 12:04 uur uit zijn auto die hij, na diverse omzwervingen door de directe omgeving, als een wonder recht tegenover de ingang van onze geliefde Bierhandel De Pijp kwijt kan. Net als in die andere stad waren de nodige wegen opgebroken en parkeerplaatsen daarmee – al dan niet permanent – onklaar gemaakt. Uw chroniqueur is op dat vroege tijdstip niet de eerste: Desir van Enthoven (1964) en Jaap Meeuwis (1977) hebben al een (half)gevuld glas voor zich, jaargenoot van uw chroniqueur Titus van Roosmalen (dus ook 1976) staat bij de ingang en is druk in gesprek met de kersverse eigenaar Morris van Dijk (1994). Titus van Roosmalen en uw chroniqueur hebben afgesproken om, gezien hun leeftijd terecht, aan de jongerentafel te gaan zitten, ook wel bekend als de Senaatstafel in De Pijp, in de hoop om daar enkele leden van de IXe Senaat te mogen verwelkomen. En die wens wordt ruimschoots vervuld: de Senaat komt in fasen met maar liefst zes vrouwen en mannen.
Uw chroniqueur houdt van statistiek(en) en daarom even een overzicht van de aanwezigen: vier uit de jaren ’60, vijf uit de jaren ’70, een uit de jaren ’80 (i.e., van de 20ste eeuw) en dan een klein gaatje naar zes uit de jaren ’20 (ja, van de 21ste eeuw). Het is dus duidelijk welke jaargangen nog aan het werk zijn: de jaren ’90, ’00 en ’10 ontbreken op het appèl. 1962-2023, eenenzestig aankomstjaren verschil tussen oudste en jongste. Uw chroniqueur (1976) zit dus keurig in het midden (nou ja, met een beetje rekenkundige fantasie). Het fijne van een dergelijk samenzijn is dat aan het niveau van de gesprekken niets te merken is van deze verschillen: we blijven immers eeuwig jong. Vele belangwekkende onderwerpen komen aan bod, maar uw chroniqueur bewaart het belangrijkste onderwerp voor het eind van dit verslag.
Maxime Kaplan (1972), een zeer trouwe bezoeker van deze lunch, memoreert drie recent overleden, zeer gewaardeerde oud-schutters, alle drie Honorair-Meesterschutters: Govert Trouwborst (1964), Erik le Grand (1970) en René de Pont (1972).
Als beter nieuws had hij het ook over de zeer gezellige en druk bezochte oprichting, afgelopen zaterdag 31 januari in De Pijp, onder instemmend oog van Vereniging Walhalla- bestuurder Folker Pieterse (1990), van de nieuwe Hermeskring De Schutterij, bedoeld voor behoud en bevordering van schutterlijke vriendschapsbanden en mede bestemd voor oud-schutters, alle dragers van enige Schutterijdas en alle overige belangstellende oud-corpsleden. In de geïllustreerde versie (zie link beneden) het fraaie logo van deze nieuwe Hermeskring, kleurtechnisch AI- aangepast door Norman Schreiner (1962).
Bij Maxime aan tafel zit o.a. Ferry Korver (1964). Hij bespreekt met jaargenoot Désir van Enthoven de continuïteit van de Hermeskring Den Haag Anno 1952 (en, in het verlengde daarvan, die van de hele wereld). Deze beroemde Hermeskring komt tijdens deze lunch vaker aan de orde. Uit het verslag van de lunch van 7 maart 2025 blijkt dat toen Frans Rijnberg (ook al jaargenoot van Ferry (en dus Désir) dit onderwerp ter sprake bracht. In dat verslag merkt uw chroniqueur het volgende op: “Welnu, afgaande op de veelheid aan prachtige e-mails die uw chroniqueur nog steeds van Coördinator Jorge G.R. Labadie Solano (1957) mag ontvangen is deze Hermeskring springlevend, met regelmatige bijeenkomsten in het Haagse Carlton Ambassador en op andere locaties.” Er is in de elf maanden daarna naar de waarneming van uw chroniqueur niets veranderd, een bewijs dat continuïteit is verzekerd, en daarmee van de wereld als geheel. Een prettige constatering.
Ferry en Désir vragen zich verder af waar de elektriciteit vandaan moet komen voor de nieuw geplande datacentra in Amsterdam. Dat is een vraag die de komende jaren ongetwijfeld niet alleen Ferry en Désir zal bezighouden, maar menig stadsbestuurder in de hoofdstad hoofdbrekens (en misschien –pijn) zal bezorgen, vreest uw chroniqueur.
Reinoud Rijntjes (1963) bespreekt aan tafel ervaringen met een Vereniging van Eigenaren (VvE), in het bijzonder de financiële afwikkeling na een verhuizing. Dat werkt twee kanten op: krijg je geld van de VvE terug voor zaken waarvoor je hebt betaald maar die niet zijn gerealiseerd, c.q. moet je een bedrag ineens inbrengen in een VvE als je naar een object verhuist dat door de VvE wordt beheerd. Bij een (ver)koop zou je kunnen overgaan tot een verrekening, bijv. via de koopprijs, bij huur is dat wellicht wat lastiger. Ook VvE’s kunnen mensen de nodige hoofdbrekens (en –pijn) bezorgen….
Joost van Heusden (1971) noemt de Hermeswandeling, dit jaar op zondag 29 maart in ons geliefde Rotterdam. Voor nadere informatie over deze prachtige activiteit én de inschrijving, zie https://www.verenigingwalhalla.nl/agenda/komende-activiteiten/27ste-hermeswandeling Daarnaast komt het Corps in relatie tot de wereld om ons heen aan de orde. Een prachtig onderwerp om tijdens deze 27ste Hermeswandeling te bespreken. Verder komt de ‘vergaderonzin’ die wij in ons land kennen aan de orde. Uw chroniqueur had daarover graag meegepraat, gezien zijn ervaringen op dat vlak. Joost vindt dat er best minder kan worden vergaderd en dat mensen er beter aan doen (meer) verantwoordelijkheid te nemen.
In het verlengde daarvan constateert onze grote roerganger en R.S.C./R.V.S.V. erelid Norman Schreiner (1962) dat vele mensen vol lof spreken over de zegeningen van grootschaligheid, o.a. omdat je daarmee tenminste bekwaam bestuur zou kunnen aantrekken. Norman geeft aan dat hij echter een aantal kleinschalige organisaties met puik management kent en tevens een aantal grootschalige organisaties waar de leiding de boel behoorlijk heeft verprutst. “Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd.” Norman zal dit, bescheiden als hij is, nooit aanstippen, maar uw chroniqueur is o.a. vliegtuiggek en heeft even een foto opgesnord van een van de vroegere paradepaardjes van het familiebedrijf waar Norman vroeger deel van uitmaakte: een Fokker F27 ‘Friendship’, tevens een paradepaard van het ooit zo trotse, eveneens prachtige bedrijf Fokker.
Het wordt tijd om op te schuiven naar de ‘jongeren’-tafel, waaraan Titus van Roosmalen (1976), uw chroniqueur (idem), Rolf Leenhouts (1980) en zes leden van de IXe Senaat zitten: Filip Stijnis (President, 2021), Dita Goossens (Secretaris, 2022), Ruben Garssen (Commissaris Sociëteit, 2022), Marjet Postma (Penningmeester Vereniging, 2023), Ralf Lemmens (Commissaris Vereniging, 2023) en Pieter Puts (Consumabel Intern, 2021). In de geïllustreerde versie (zie link beneden) de mooie kerstkaartfoto van de complete Senaat, uiteraard genomen in De Pijp.
De Senaat is overduidelijk in een opperbeste stemming. De avond voorafgaand aan deze lunch was het thema van de Walhallaweek bekendgemaakt, als uw chroniqueur het goed heeft onthouden: “Walhallywood”. Ook een bekendmaking is natuurlijk altijd reden voor een feest. Uw chroniqueur heeft tijdens een eerdere lunch met Filip Stijnis de ontstaansgeschiedenis van de Walhallaweek onthuld: ontstaan in het Collegejaar 1980/81, met de naam én de (toenmalige) inhoud bedacht door Vice-President Vereniging Frans van Houten (1978). Dit had dus de XLVIe Walhallaweek kunnen zijn, maar mogelijk moeten er een paar Romeinse cijfers worden omgedraaid vanwege die vermaledijde coronapandemie.
Titus van Roosmalen en uw chroniqueur (allebei 1976) bespreken onder andere de biografie van Arne Slot die eerstgenoemde in augustus 2025 aan laatstgenoemde heeft gegeven om diens AOW-gerechtigde leeftijd te vieren. Arne Slot is aan die uitkering nog lang niet toe. Uw chroniqueur heeft het cadeau net uit en geeft op basis van het boek aan dat Slot niet zo maar een trainer is, maar alles tot in de perfectie uitdenkt en uitwerkt. Voor Slot eindigt het boek gelukkig met het kampioenschap van Liverpool in 2024/25, maar iedere trainer heeft bij zijn club wel eens een minder jaar en het niveau in de Premier League is nu eenmaal ontzettend hoog, afgaande op het feit dat vijf clubs uit die competitie bij de eerste acht van de eerste ronde van de Champions League zijn geëindigd. Uw chroniqueur heeft – ondanks zijn afwijkende voorkeur waar het om voetbal gaat – genoten van het boek en beveelt het iedere voetballiefhebber – al dan niet fan van Slot – ter lezing aan.
Titus van Roosmalen en uw chroniqueur hebben het uiteraard over muziek, waarvan zij allebei op totaal verschillende manieren én met verschillende voorkeuren intens genieten. Uiteraard komt daarbij de (pre)historie van de Hermes House Band aan de orde: In de geïllustreerde versie (zie link beneden) nog eens de foto van de oerversie van de Hermes House Band, bestaande uit, naast Titus, (demissionair minister) Jan Anthonie Bruijn (1977) en Elbert Waller (1976), zoals te vinden op blz. 941 van deel IV van het Geschiedboek van het RSC.
Niet alleen het (verre) verleden, maar ook het heden komt aan de orde. Titus speelt zelf weer in een band (nog zonder naam, dus BZN 2.0), naast zijn fantastische werk als impresario en groopie van Christine, zijn echtgenote, die onder het pseudoniem Mrs. C. furore maakt op podia in Rotterdam en (verre) omstreken. Uw chroniqueur is slechts passief actief in de muziek en antwoordt, als hem wordt gevraagd of hij ook iets speelt met: “Ja, cd’s!” In de geïllustreerde versie (zie link beneden) een mooie foto van een gezamenlijk optreden van Titus en Christine in Café Timmer.
Samen met Rolf Leenhouts (1980) bespreken Titus en uw chroniqueur het ongelooflijke succes van Maestro met een kijkcijferrecord van 2,1 miljoen tijdens de finale op 1 februari jl. Een geweldig seizoen met een terechte winnaar, vinden alle drie gesprekspartners. Ook komt tijdens hun gesprek de toenemende verkeersdrukte aan bod. Daarvan hebben Titus en uw chroniqueur als pensionado’s overigens niet al te veel last meer.
Met President van de IXe Senaat Filip Stijnis (2021) hebben Titus van Roosmalen en uw chroniqueur (nog steeds allebei 1976) het over het kleine jaar 1976, dat pas in september 1981 het honderdste lid verwelkomde (een grapje van uw chroniqueur die voor dat doel zijn positie als President van het Xe College van Senaat en Bestuur van het RSC en de RSS ‘Hermes’ gebruikte). Een jaar met slechts vijf jaarclubs. Iedereen in het jaar kende elkaar; er was natuurlijk een lichte, gespeelde rivaliteit tussen enkele jaarclubs, maar vooral saamhorigheid binnen het jaar. Filip geeft aan dat er nu twintig jaarclubs per jaargang zijn met circa twintig v/m per jaarclub, een sterkte stijging als je ook de RVSV anno 1976 meeneemt.
Commissaris Vereniging Ralf Lemmens (2023) is zeer trots op zijn lidmaatschap van de Shoulders en (dus) de Henegouwers. Hij vindt De Pijp erg mooi, o.a. omdat in de hoek, rechts naast de wc’s, een stamboom van de Henegouwers prijkt, met daarachter die van de Vogels (tenzij iemand van laatstgenoemde familie een kleine wisseltruc toepast). Secretaris Dita Goossens (2022) schrijft voor uw chroniqueur een deel van het Henegouwerlied uit. Omdat dat genoegzaam bekend is met woorden als ‘lazarus’ e.d. hoeft het hier niet te worden opgenomen, hoe mooi het ook is.
Commissaris Sociëteit Ruben Garssen (2022) en uw chroniqueur zijn blij dat zij elkaar nog eenmaal zien tijdens een vergadering van het bestuur van de Stichting Rotterdamsche Studenten Sociëteit (SRSS), de eigenaar van ons geliefde gebouw, dat inmiddels de status van beschermd stadsgezicht heeft, als sprekend voorbeeld van de beroemde stalinistisch-brutalistische architectuur van de jaren ’60 (van de 20ste eeuw, dat wel). Zou dat ook gelden voor het stadhuis van Terneuzen?
Filip Stijnis (2021) neemt tussendoor het woord en overhandigt een prachtig cadeau aan eigenaar van De Pijp Morris van Dijk (1994), met daarbij de uitnodiging voor een mooie avond in Sociëteit Walhalla. Morris neemt deze uitnodiging met zeer veel plezier aan. Filip en Morris continueren daarmee de eeuwenoude Pijptraditie in de Schoone Zalen.
Intussen is het de hoogste tijd om het eten te bestellen. Het aantal ronden drankjes is al niet meer bij te houden. Voor degenen die zich willen voorbereiden op een volgende lunch In de geïllustreerde versie (zie link beneden) voor het gemak het lunchmenu, op zijn telefoon fraai vastgelegd door Maxime Kaplan (1972).
Uw chroniqueur bestelt traditiegetrouw de boerenomelet, niet alleen omdat die erg lekker is, maar ook omdat het budget voor een lunch tegenwoordig voor een groot deel wordt opgesoupeerd door reis- en vooral parkeerkosten. Die laatste bedroegen voor uw chroniqueur maar liefst € 16,54. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het tijdens deze lunch zó gezellig was dat uw chroniqueur zijn VW (dat staat hier niet voor Vereniging Walhalla) pas om 14:32 afmeldde.
Dita Goossens (2022) bespreekt met Ruben Garssen (2022) vereniging Io Vivat in de mooie stad Leeuwarden (nieuw voor uw chroniqueur) waar het broertje van Ruben in de Soccie zit. Uw chroniqueur doet de Friese hoofdstad vrijwel elke zomer per schip aan en zal in de komende zomer eens op onderzoek uitgaan.
Titus van Roosmalen (1976) en Pieter Puts (2021) bespreken uitgebreid hun ervaringen als Consumabel. Titus vervulde die functie in zijn eentje in 1978/79, terwijl Pieter zijn functie mag delen met Consumabel Extern Lisa Jockin (2021). Het is tegenwoordig dan ook erg druk aan de Robert Baeldestraat. Veel diners, zoals deze avond het Diësdiner van de dames. Bij de fusie in 2017 is afgesproken dat jaarlijks in elk geval één avond voor alleen het vrouwelijke deel van onze mooie vereniging wordt georganiseerd. Met 117 aanmeldingen is de editie 2026 weer een groot succes. Het diner wordt gevolgd door een mooie avond in Bikini waar ook de ‘andere helft’ mag aanschuiven.
Een groot mysterie, ook na deze lunch, blijft het begrip 6-7 (op z’n Engels, dus six-seven). Dat schijnt iets heel bijzonders te zijn, maar wat het is…? Ook tijdens deze lunch is uw chroniqueur niets wijzer geworden.
Marjet Postma (2023) heeft gehoord dat er vroeger jaarkringen en jaartafels in de Zaal waren. Dat waren er in totaal zes: in de prehistorie kon je ook na je vijfde jaar lid blijven (en dat lukte toen heel aardig). De haardkring was dan ook de kring voor zesdejaars en ouder. In die kring stond overigens ook een stoel voor de President. Anno 2026 is de Zaal iets minder uitgebreid ingericht.
Zitten is eigenlijk ook geen gezonde houding, dus is het goed dat die houding nauwelijks meer wordt gefaciliteerd.
Jaarkringen bevorderden de onderlinge band binnen een jaar. Hierboven was al vermeld dat het jaar 1976 uiteindelijk slechts honderd leden telde. Mede daardoor konden dierbare vriendschappen ontstaan, en dat is dan een mooi bruggetje naar dat belangrijkste, laatste onderwerp: Vriendschap. Marjet Postma (2023) hoorde van Titus van Roosmalen en uw chroniqueur (1976) dat zij bespraken hoe zij hun vijftigjarige vriendschap gaan vieren. Die vriendschap ontsproot in augustus 1976 in het IP-kamp Groot Spriel in de mondaine plaats Putten en is sindsdien nooit opgehouden te bloeien. Dat moet natuurlijk worden gevierd, en dat gaat ook uitgebreid gebeuren!
Met een voldaan gevoel rekende uw chroniqueur om 14:31 uur één tomatensap, twee Spa rood, een kop koffie én natuurlijk de boerenomelet af.
-o-
Bekijk dit verslag in de geïllustreerde versie hier:
https://mailchi.mp/ed836169a439/verslag-oud-ledenlunch-6-februari-2026-bierhandel-de-pijp
Reacties
Log in om de reacties te lezen en te plaatsen