Nieuwsarchief
Jorge Labadie Solano (1957) in 't zonnetje gezet
Door Norman Schreiner (1962)
De Borrelkring Den Haag Anno 1952 vergaart zich op maandag 15 juni voor de Jaarlunch 2026 in het restaurant van de Wassenaarse golfclub Rozenstein. Op het tegenpad naar het etablissement begroet uw verslaggever enige sportief geklede oud-leden. “Dag kerel, óók naar de lunch?” - “Nee, nog lang niet. eerst 9 holes…” – “Oh, maar velen zitten nu toch al aan tafel?”- “Hoezo, en wie zijn ‘ze’?” - “Nou, kom je dan niet voor de Jaarlunch?”
Uw verslaggever ziet opeens ruitgekleurde broeken. Misverstand. Hij had het kunnen vermoeden. Hij is vergeten dat golfclub Rozenstein zich kenmerkt door een hoog oud-ledengehalte.
Binnengekomen bevinden zich ongeveer 20 seniore borrelkringers aan één grote langwerpige tafel. Zoals gebruikelijk in oud-ledenkringen: immer actief converserend. Je zit er nooit om een praatje verlegen. En immer een luisterend oor. Mijnheer de Rector (Filip Stijnis, 2021) en Mevrouw de Secretaris (Dita Goossens, 2022) van de IXe Senaat nemen actief deel aan de gesprekken. In het midden van de tafel echter één lege plek, één onbezette stoel. Al gauw blijkt dat deze is bestemd voor onze markante Jorge Labadie Solano (1957). “Waar is Jorge?” mompelt men alom. Jorge is al enige tientallen jaren de toegewijde coördinator van deze vermaarde bijna 75 jaar oude borrelkring. Beroemd om zijn sfeervolle convocaties, hier en daar gelardeerd met zijn ‘labadietjes’. Zo mailde hij onlangs eveneens zijn recente oproep voor deze Jaarlunch.
De minuten en kwartieren schrijden voort. Horloges en klokjes worden geraadpleegd. “Waar is Jorge? Waar zou hij zijn? Hij zou de bus nemen. Misschien deze gemist?” En plots opluchting. Jorge verschijnt in ons midden, zich disculperend. Hij had een taxi besteld, maar die verscheen een uur te laat. Klaarblijkelijk een misverstand van communicatieve aard.
Tijd om een lunchgerecht te bestellen. Maar intussen ook tijd voor een huldiging. Rector Filip Stijnis (2021) staat op en prijst Jorge voor zijn tientallen jaren bewonderenswaardige ijver jegens de instandhouding van deze Haagse Borrelclub. Als blijk van waardering biedt Mijnheer de Rector een geschenk. Jorge ontvangt het, maar laat het aanvankelijk - bescheiden als hij is - onuitgepakt. Echter, enige aansporing van de seniore disgenoten noopt hem het te ontdoen van het omhulsel: een verzilverde opbergdoos met een lovende inscriptie komt tevoorschijn. Een fraaie nieuwe doos om vele aandenkens uit zijn Oude Doos in op te bergen. Geroerd dankt Jorge de Senaat.
¡Muchas gracias, amigo Jorge!
“Sin nuestro Jorge no podemos vivir, sin nuestro Jorge no podemos existir”
[“Zonder onze Jorge kunnen wij niet leven, zonder onze Jorge kunnen wij niet zijn”]
Reacties
Log in om de reacties te lezen en te plaatsen